Coronanieuws

De Raphaëlstichting biedt zorg en ondersteuning aan mensen met een beperking. Altijd, dus ook tijdens de coronacrisis.

Coronavirus: Vraag en Antwoord

De locaties van de Raphaëlstichting zijn voorzichtig, stapsgewijs en met maatwerk aan het versoepelen. Hierbij kunt u denken aan de bezoekregeling (meer bezoek en soms zonder mondkapje of 1,5 meter), de groepsquarantaine bij een vermoeden van een besmetting (meer maaterwerk) en het werken in kleine bubbels (welke worden verruimd waardoor cliënten soms al weer naar hun eigen dagbesteding kunnen).

Het is belangrijk dat iedereen (ook verwanten) zich wel aan de preventieve basismaatregelen houdt:

  • Het aantal cliënten per taxi of taxi-bus te beperken tot 1 persoon per bank of rij stoelen, waarbij men niet recht achter elkaar zit. Daarnaast adviseert het OMT dat de cliënten, indien mogelijk, een medisch mondkapje (type IIR) dragen. Bij cliënten die niet in staat zijn tot het dragen van een medisch mondkapje moet de afstand tot anderen extra in acht genomen worden.
  • 1,5 meter aan te houden waar mogelijk.
  • Je meteen te laten testen bij (lichte)klachten.
  • Geen handen te schudden.
  • Regelmatig je eigen handen én de handen van cliënten grondig te wassen.
  • Hoesten en niezen in een zakdoek of de binnenkant van je elleboog.
  • Wegwerp zakdoekjes gebruiken.

De nieuwe algemene coronaregels vanaf 19 mei t/m 8 juni:

1. Iedere cliënt heeft recht op bezoek.
Voor cliënten in de gehandicaptenzorg én verpleeghuiszorg geldt dat zij maximaal 2 bezoekers per cliënt per dag (uitgezonderd mantelzorgers en kinderen jonger dan 13 jaar). mogen ontvangen mits aan de voorwaarde is voldaan.

Voorwaarde voor het ontvangen van 2 bezoekers is dat:

  • alle cliënten van de woning/afdeling, die dat wensten, beide vaccinaties hebben ontvangen én dat deze de tijd hebben gekregen optimaal te werken.
  • Dat er geen besmetting is de afdeling zijn.
  • Indien er op een locatie cliënten zijn die bewust niet gevaccineerd zijn (en de rest wel), dan worden daar aparte afspraken over gemaakt met cliënten en verwanten. Dus per locatie kan uitbreiding van bezoek verschillen.
  • Op de eigen kamer kan een bewoner één of twee vaste bezoekers ontvangen, waarbij het dragen van een mondneusmasker en afstand houden niet langer nodig zijn.

2. Balans
We streven naar een balans tussen medisch én sociaal-emotioneel welzijn van mensen met een beperking. Dat wil zeggen dat het vermijden van risico’s op medische gronden niet in alle gevallen prevaleert. Dit vraagt om een zorgvuldig overleg in de driehoek met respect voor ieders verantwoordelijkheden waarbij tevens arts en gedragsdeskundige zijn betrokken.

3. Maatwerk

  • Eventuele medische risico’s voor de cliënt worden, net als risico’s voor kwetsbare medecliënten, meegenomen in het vormgeven van de bezoekregeling. Deze afwegingen worden op de locatie multi-disciplinair gemaakt.
  • Er wordt samen met cliënt en/of verwant of belangrijke anderen concrete afspraken gemaakt over het bezoek ontvangen.

4. Recht op bezoek

  • Alle cliënten hebben recht op bezoek.
  • Ook wanneer een specifieke locatie/woning te maken heeft met (verdenking(en) van) besmetting en een quarantaine of isolatie, kijkt men naar wat er wél mogelijk is. Het bezoek en de betrokkenheid van verwanten of belangrijke anderen kan essentieel zijn voor het welbevinden van cliënten.
  • Er kunnen echter omstandigheden zijn, bijvoorbeeld de hoeveelheid besmettingen en de beheersbaarheid van de uitbraak, de beperkte mogelijkheden van isolatie of de beperkte beschikbaarheid van persoonlijke beschermingsmiddelen (PBM) dat het tijdelijk niet mogelijk is om bezoek op de woning toe te laten. Maar ook dan, indien nodig voor het sociaal-emotioneel welzijn van de cliënt, is in ieder geval altijd één naaste (of mantelzorger) altijd welkom, zoals ook vastgelegd in de tijdelijke wet maatregelen Covid-19. Dit betekent wel dat het bezoek (maximaal één vast persoon) natuurlijk persoonlijke beschermingsmiddelen draagt tijdens het bezoek.

Wanneer is er een vermoeden van besmetting?
We spreken van een vermoeden als er klachten zijn bij cliënten die passen bij het coronavirus en er een test is ingestuurd en/of als er contacten zijn geweest met bewezen positief geteste patiënt(en).

Welke symptomen kunnen wijzen op een COVID-19 (Corona) besmetting?
verkoudheidsklachten, zoals neusverkoudheid, loopneus, niezen, keelpijn en/of
hoesten; en/of
benauwdheid en/of
verhoging of koorts en/of
plotseling verlies van reuk en/of smaak.

Quarantaine en Isolatie
Woonhuis/groep
– Een woon- of dagbestedingsgroep gaat in quarantaine als cliënten zelf korter dan 3 dagen geleden contact hebben gehad met iemand met klachten of iemand met een positieve testuitslag (verwant, medewerker, andere cliënt etc.).
– Indien een (nauw)contact van een medewerker (bijvoorbeeld de partner) klachten heeft, of positief is getest, hoeft de woongroep of dagbesteding niet in quarantaine. (NB: De medewerker waarvan de partner klachten heeft, gaat natuurlijk zelf wel in quarantaine. En de dagbesteder waarvan de ouder klachten heeft, gaat zelf ook in quarantaine).

Verwanten/Wettelijk vertegenwoordigers worden over een quarantaine of isolatie zo spoedig mogelijk geïnformeerd. Hoe deze quarantaine er uitziet, kan per casus verschillen en wordt bepaald door het impactteam + arts. Een quarantaine bij een vermoeden van een besmetting heeft minder ingrijpende maatregelen dan een isolatie van de groep, waarvan sprake is bij een daadwerkelijke besmetting.
Het woonhuis blijft in quarantaine totdat het impactteam/arts bepaalt dat dit wordt opgeheven. Indien de testuitslag negatief was, ligt het voor de hand dat de quarantaine kan worden opgeheven.

Belangrijke overwegingen voor het impactteam + arts bij het bepalen van de quarantaine zijn:
– de vaccinatiegraad van de groep (is het merendeel gevaccineerd?)
– zijn er kwetsbare cliënten op de groep
– de setting van de groep (grootte bubbels, in-/uit van externe dagbesteders of bezoek etc.)
– waren medewerkers of cliënten een nauw contact van een positief getest persoon (langer dan 15 minuten binnen 1,5 meter geweest) en zijn er wel/geen PBM gebruikt?
– Tussentijdse check (in afwachting van PCR-test) middels zelftest of sneltest.

Individueel
Indien het vermoeden van een besmetting een medewerker betreft, komt deze niet naar het werk en laat zich testen. Indien dit vermoeden een cliënt betreft, gaat betreffende cliënt gedurende de testperiode tot de testuistlag bekend is (meestal dezelfde dag nog), in isolatie (geen contact met groepsgenoten). Verwanten/Wettelijk vertegenwoordigers worden hierover zo spoedig mogelijk geïnformeerd.

Wanneer is er sprake van een daadwerkelijke besmetting?
Er is sprake van een daadwerkelijke besmetting, indien deze door een test is aangetoond. Mocht er op het woonhuis een daadwerkelijke besmetting zijn dan wordt dit gemeld bij de GGD en gaat het woonhuis in isolatie. Verwanten/Wettelijk vertegenwoordigers worden hierover zo spoedig mogelijk geïnformeerd.

1. Onderling worden tussen cliënt, verwanten en begeleider afspraken gemaakt over logeren.
Uit logeren gaan vindt bij voorkeur plaats bij de mensen die ook op bezoek komen. Op die manier wordt het aantal wisselende contacten beperkt.
Logeren vindt plaats bij verwanten die geen coronaklachten hebben.
Wanneer de cliënt of degene waar de cliënt bij logeert ziekteverschijnselen krijgt die passen bij COVID-19, wordt dit direct gemeld bij de zorgorganisatie. Degene met klachten laat zich testen. De uitslag van de test wordt in de logeersituatie afgewacht. Wanneer er een positieve testuitslag is dan wordt met de verwanten overlegd of de cliënt in logeersituatie (dit heeft de voorkeur) of bij de zorgorganisatie in quarantaine gaat.

2. Voor terugkeer naar de woongroep vindt triage plaats:
Wanneer een cliënt bij verwanten logeert, is terugkeer naar de instelling mogelijk wanneer er bij de cliënt en verwanten geen verschijnselen zijn die passen bij COVID-19. Bij verschijnselen wordt er eerst getest en moet de uitslag bekend zijn, voordat terugkeer naar de woongroep en contact met andere cliënten weer mogelijk is.
Heeft de cliënt geen klachten (neusverkoudheid, niezen, hoesten, kortademigheid, keelpijn, vermoeidheid) en geen koorts? (eventueel temperaturen): dan kan deze terugkomen op de woongroep.
Heeft de cliënt wel klachten of koorts?: dan wordt in overleg met verwanten gekeken of cliënt thuis kan uitzieken en wordt cliënt getest op het coronavirus. Indien de cliënt niet thuis kan uitzieken, wordt de cliënt getest op het coronavirus en komt de cliënt op de locatie in isolatie totdat de uitslag van de test bekend is. De temperatuur wordt tweemaal daags opgenomen en geregistreerd in Ons-ECD.

3. Na terugkeer wordt het ontstaan van klachten extra goed in de gaten gehouden.

4. Respijtzorg
Logeren bij een zorgorganisatie (respijtzorg) is mogelijk wanneer cliënt en verwanten klachtenvrij zijn. Ook voor logeeropvang zijn de hiervoor genoemde randvoorwaarden het uitgangspunt. Dit kan betekenen dat logeren anders vormgegeven moet worden door de huidige beperkingen.
Als de cliënt klachten krijgt die passen bij COVID-19 gaat een cliënt zo spoedig mogelijk naar huis. Wanneer er tijdens of vlak na het logeren bij een cliënt of verwant klachten optreden die passen bij COVID-19, wordt dit direct gemeld aan de zorgorganisatie. Bij klachten wordt er getest.

5. Er geldt een bezoek/logeerverbod als op een woning een (verdenking van) COVID-19 is bij een cliënt. Dit verbod geldt tot de cliënt is getest en de uitslag negatief is.
Bij een positieve uitslag van cliënt of medewerker is er sprake van quarantaine en geldt een bezoek-/ logeerverbod tot en met het einde van de quarantaineperiode. Dit gaat in overleg met de GGD/ en/of de medische dienst en naasten/verwanten van de cliënten.

6. Algemene uitgangspunten voor logeren onder voorwaarden zijn:
Het overheidsbeleid en de algemene maatregelen van het RIVM zijn leidend en kaderstellend, denk hierbij aan:

  • Houdt 1,5 meter afstand.
    Dit geldt voor:
    – Volwassenen onderling
    – 12-18 jarigen naar volwassenen1,5 meter afstand houden geldt niet voor:
    – Kinderen onderling
    – Kinderen tot 12 naar volwassenen
    – 12-18 jarigen onderling
    – Mensen die hulp of ondersteuning nodig hebben en hun begeleiders
    – Hygiënemaatregelen (handhygiëne; geen handen geven; hoesten en niezen in de elleboog; papieren zakdoekjes gebruiken);
    –Geen logeren als er gezondheidsklachten zijn bij de cliënt, de verwanten of in het netwerk;
  • het vermijden van drukte.

Duidelijk is dat – zolang de algemene coronamaatregelen in Nederland gelden – dit consequenties heeft voor de dagbesteding. Invulling van dagbesteding is anders dan vóór de corona-periode. Als de locatie voor dagbesteding nog niet volledig open kan, dan wordt voor de cliënten die nog niet naar de vertrouwde locatie voor dagbesteding kunnen een vorm van alternatieve dagbesteding geboden. In samenspraak met de cliënt/vertegenwoordiger wordt vastgesteld wat een geschikt alternatief zou kunnen zijn.

Ook externe dagbesteders kunnen (vaak) nog terecht bij hun eigen dagbesteding. Er is een schema om te zien of je (als er gezondheidsklachten zijn thuis) wel of niet naar de dagbesteding kunt komen:

Het beschikbaar houden van goede zorg is de prioriteit van alle locaties van de Raphaëlstichting. Als er plek is kunnen nieuwe cliënten in principe komen wonen.
Er wordt altijd per cliënt gekeken wat in de betreffende situatie de beste oplossing is. Soms kan het beter zijn om een cliënt (nog) niet op te nemen.
Er wordt ook gekeken of de cliënt niet besmet is, of er voldoende personeel beschikbaar is dat veilig kan werken en of er geen mensen op de locatie al besmet zijn.

  • Medewerkers worden getest door de GGD bij een teststraat.
  • Bij cliënten worden de testen afgenomen door daartoe opgeleide medewerkers (veelal verpleging) en de resultaten van de test wordt door de instellingsarts opgestuurd en beoordeeld. Dit om de procedure te versnellen en onnodige spanning bij het testen zoveel mogelijk te voorkomen.

Door de locatie waar uw verwant woont of dagbesteding geniet. Dat kan middels nieuwbrieven, maar ook rechtstreeks via de persoonlijk begeleider.
Het bestuur van de Raphaëlstichting informeert – indien nodig – per brief die via de email wordt verstuurd.

Met het voortduren van de tweede coronagolf, merken wij dat medewerkers en ook ouders en/of verwanten zich soms zorgen maken. Leeft u met gevoelens van angst en onzekerheid en komt u er in gesprekken op de locatie niet uit, dan kunt u contact opnemen met een coachteam van de Raphaëlstichting. Hij of zij kan meekijken naar wat uw zorgen zijn en waar mogelijk helpen deze te hanteren. Het e-mailadres is: coaching@raphaelstichting.nl.

Achter de schermen wordt er hard gewerkt, net als voor de schermen. Om u een inkijkje te geven:
– Wekelijks (en indien nodig: dagelijks) bespreekt het crisisteam van de Raphaëlstichting, onder voorzitterschap van het bestuur de actuele stand van zaken rondom de locaties; denk dan aan ziektegevallen, uitval medewerkers, voorraadbeheer, overheidsbeleid, communicatie, enzovoorts. Behalve de bestuursvoorzitter bestaat dit team uit een arts (AVG) en medewerkers van de afdelingen HR, Inkoop, Kwaliteitsdienst en Communicatie.
– De uitkomsten van het overleg worden met de instellingen besproken waarna acties worden uitgezet.
– Er is een mobiliteitsbureau opgezet om medewerkers te koppelen aan woonlocaties waar vraag is naar medewerkers.
– Er vindt met regelmaat overleg plaats met collega-instellingen, de GGD (dit is lokaal), de GOHR (Geneeskundige Hulpverleningsorganisaties in de Regio) en eventueel het ROAZ (Regionaal Overleg Acute Zorg), met branches als VGN en Actiz maar ook met de Centrale Ondernemingsraad en de Centrale Cliëntenraad.
–  Elke locatie werkt met een impactteam. Dit team monitort de verschillende vormen van maatwerk op elke locatie en houdt zicht op de toepassing van de (hygiëne)regels en (landelijke) voorschriften.

Corona vaccinaties: Vraag en Antwoord

Er is in de media veel te doen over wie er wanneer aan de beurt is voor vaccinatie en met welk vaccin. Veel mensen vragen zich af wanneer zij een vaccinatie tegen het coronavirus krijgen aangeboden. Via deze tool krijg je hiervoor een indicatie. Ook zie je waar je de vaccinatie kunt halen en welk vaccin je waarschijnlijk krijgt.

Wie kan wanneer met welk vaccin worden gevaccineerd?

De Rijksoverheid heeft een indeling gemaakt wie, wanneer, welk type vaccin krijgt aangeboden, en op welke locaties deze vaccins zullen worden toegediend. Dit lichten wij hieronder toe, waarbij we wel willen opmerken dat dit onder voorbehoud van tussentijdse wijzigingen door de overheid is.

Intramurale cliënten (cliënten dus die op een instelling wonen)

  • Alle cliënten die op een instelling van de Raphaëlstichting wonen en die dat wensten zijn inmiddels gevaccineerd met een eerste prik. De vaccinaties vonden plaats onder verantwoordelijkheid van de AVG of SOG van de eigen locatie.

Thuiswonende cliënten (bv externe Dagbesteders) en Kinderen

  • Thuiswonende cliënten zijn cliënten die bijvoorbeeld alleen ambulante hulp en/of dagbesteding ontvangen. Thuiswonende cliënten zullen onder verschillende doelgroepen vallen die op verschillende momenten aan de beurt zijn voor vaccinatie tegen het coronavirus. De volgorde van vaccinatie voor mensen die niet in de zorg werken wordt op deze webpagina van de Rijksoverheid gegeven. De COVID-19 vaccinatie wordt in principe aangeboden op leeftijd: van oud naar jong (met uitzondering van het zorgpersoneel). Dit omdat het risico op een slecht beloop en sterfte door COVID-19 toeneemt met het stijgen van de leeftijd: het risico is sterk verhoogd bij mensen boven de 60 jaar en neemt verder toe bij een hogere leeftijd. Dit betekent dat een deel van de thuiswonende cliënten onder het reguliere traject valt. Voor de meeste mensen is nog niet precies te zeggen wanneer zij aan de beurt zijn voor hun prik tegen corona. De planning kan nog veranderen. Bijvoorbeeld als een vaccin niet op tijd geleverd wordt. Wat we nu weten op basis van de informatie van de Rijksoverheid is het volgende:
    Mogelijke doelgroepen waaronder thuiswonende cliënten vallen zijn:
    – Mobiele thuiswonenden vanaf 60 jaar (van oud naar jong)
    – Niet-mobiele thuiswonenden vanaf 60 jaar (van oud naar jong)
    – Mensen van 18-60 jaar met medische indicatie
    – Mensen van 18-60 zonder medische indicatie
    Een uitzondering hierop zijn enkele selecte medische (hoog)risicogroepen. Op de webpagina van het RIVM over prioritering van medische risicogroepen wordt weergegeven welk select aantal groepen met een medisch hoog risico vervroegd in aanmerking komt voor vaccinatie (dit na het advies van de Gezondheidsraad van 04-02-2021). Het betreft hier groepen waarvan in onderzoeken is aangetoond dat zij een sterk verhoogd risico hebben op slecht beloop of overlijden door COVID-19. Deze cliënten, ook diegenen die jonger zijn dan 60 jaar, lopen een vergelijkbaar risico met mensen van boven de 70 jaar. De laatstgenoemde websitepagina wordt steeds hernieuwd met de actuele stand van zaken rondom het traject en de planning van vaccinatie voor deze medische (hoog)risicogroepen. Ook wordt aangegeven dat zodra er meer bekend is over het beleid, de betreffende artsen/specialisten en cliënten op de hoogte gesteld worden.
  • Of ook de kinderen van de kinderdagcentra een vaccinatie kunnen krijgen is nog onduidelijk. Er loopt nog aanvullend onderzoek naar de werking en veiligheid van een vaccin bij kinderen.

Zorgmedewerkers (inclusief stagiaires, leerlingen, zzp’ers en uitzendkrachten)

  • Verpleeghuiszorgmedewerkers van Rudolf Steiner Zorg en Breidablick, hebben inmiddels een vaccinatie aangeboden gekregen bij een van de 25 priklocaties van de GGD. Aan deze zorgmedewerkers werd het vaccin van Pfizer/BioNtech aangeboden.
  • Vanaf dinsdag 16 februari 2021 mogen de medewerkers die in de directe gehandicaptenzorg werken gaan bellen met de GGD om een afspraak te maken voor vaccinatie. Het gaat hierbij om de zorgmedewerkers van 18 jaar en ouder die direct contact hebben met cliënten, inclusief stagiaires, leerlingen, ZZP’ers en uitzendkrachten.

Mantelzorgers en vrijwilligers

  • Mantelzorgers en vrijwilligers komen in eerste instantie nog niet in aanmerking voor een vaccinatie.

Algemeen

Hoe effectief zijn vaccins?

Uit onderzoek blijkt dat de coronavaccins goed werken. Mensen die het vaccin van AstraZenca krijgen, hebben minimaal 60% minder kans om ziek te worden door het virus. Bij mensen die gevaccineerd zijn met Moderna of Pfizer is dit zelfs 95%. Bij deze percentages gaat het om bescherming tegen milde klachten. Belangrijker nog is dat mensen na vaccinatie beschermd zijn tegen ernstige gevolgen van COVID-19.

Hoe effectief de vaccins écht blijken te zijn… dat kan alleen de praktijk uitwijzen natuurlijk. Lees hierover meer bij de Rijksoverheid.

Bijwerkingen?

We kunnen ons voorstellen dat er veel vragen zijn. Kijk voor antwoorden eerst op deze pagina. Mocht u daar het antwoord niet vinden, dan kunt u uiteraard altijd terecht bij uw locatie.
Heel veel cliënten (of hun wettelijk vertegenwoordigers) hebben aangegeven graag gevaccineerd te worden. De meeste cliënten zijn inmiddels dan ook gevaccineerd met de eerste prik.

Met een grote immuniteit onder de cliënten in het vooruitzicht blijft voorzichtigheid echter voorlopig nog geboden. Door de vaccinatie wordt de kans op ziekte klein, maar kan men toch het virus nog steeds overbrengen. Bovendien zijn de meeste medewerkers nog niet gevaccineerd, en moeten we rekening houden met besmettelijke varianten van het virus die in omloop zijn.

  • Steffie.nl: Voor mensen met een verstandelijke beperking is er een interactief filmpje gemaakt
  • Prik tegen corona: Is een praatplaat , met uitleg voor begeleiders (vernieuwd op 22 januari)
  • Pictoblad Vaccinatie: Is een pictoblad over de eigen keuze om wel/niet te vaccineren
  • Vaccinatieproces: Is een pictoblad met uitleg over het vaccinatieproces zelf
De Raphaëlstichting baseert zich bij haar Corona-beleid op de wettelijke richtlijnen van de Rijksoverheid en het RIVM en past veelal maatwerk toe op basis van richtlijnen/handreikingen van de koepelorganisatie VGN (voor gehandicaptenzorg) en Actiz (voor verpleeghuiszorg) en artsenverenigingen (bv Verenso).

Vanuit haar maatschappelijke plicht verzorgt de Raphaëlstichting het vaccineren van cliënten en faciliteert zij de vaccinatie van medewerkers. Juist de kwetsbare mensen voor wie de Raphaëlstichting zorgdraagt, hebben de ringbescherming nodig. Wij vinden het dan ook belangrijk dat er gevaccineerd wordt en hopen dat veel van onze bewoners en medewerkers zich laten vaccineren.

Vaccineren is altijd een persoonlijke afweging

  • Vaccineren is een individuele keuze, die mede wordt bepaald door verschillende opvattingen waaronder Antroposofische inzichten. Het is niet aan de Raphaëlstichting om hierin als organisatie stelling te nemen.
  • Hoe lastig ook, het is aan ieder afzonderlijk al die inzichten mee te wegen in de persoonlijke keuze om wel of niet te gaan vaccineren.
  • De Raphaëlstichting wil aan al haar cliënten goede zorg bieden en verbindt dan ook geen consequenties aan de zorgverlening op basis van de individuele keuze van een cliënt om zich wel of juist niet te laten vaccineren.

Met elkaar in gesprek
Wij gaan op verschillende plekken in de organisatie een moreel beraad organiseren. Dat is een ‘plek’ waar medewerkers samen met cliënten en verwanten met elkaar in gesprek kunnen om de dilemma’s, moeilijkheden, strijdige inzichten en onzekerheden die bij de keuze een rol spelen te delen en met elkaar te verkennen. Let wel: zonder dat het officieel een antwoord geeft. We voeren het moreel beraad met de intentie om naar elkaar te luisteren, (eigen) inzichten te verdiepen en zekerheden en onzekerheden te toetsen.
De locaties zullen deze momenten inrichten en beschikbaar maken. Dus mocht je interesse hebben dan kunt je je – zodra de locatie daarover gecommuniceerd heeft – opgeven bij een daarvoor aangegeven e-mailadres.